submenu

Corona in de woonzorgcentra - 29/10/2020

Tijdens de coronacrisis werd er vaak gesproken over wantoestanden in de woonzorgcentra. Maar is dat beeld terecht? Weten we voldoende over wat er zich in werkelijkheid achter de muren afspeelde? Wij spraken met een paar mensen op het terrein.

Monica Van Den Dorpel & Babs Roex
Directie residentie Vuerenveld

Hoe hebben jullie de voorbije maanden beleefd?

Monica Van Den Dorpel: ‘Het was een emotionele periode. Als directie word je verondersteld je sterk te houden. Maar dat neemt niet weg dat het ook voor ons soms overweldigend was. Ik durf best

Hoe gaan jullie medewerkers en bewoners om met de coronacrisis?

Monica: ‘Bij de eerste golf waren het vooral onze medewerkers die ondersteuning en richting nodig hadden. Zij maakten zich meer zorgen dan onze bewoners. Ze werden overspoeld door informatie, zaten met talloze vragen en hadden ook angst om het virus mee naar huis te nemen.’ ‘Vandaag zijn we veel beter voorbereid. We hebben een draaiboek, procedures en actiekaarten. Dat geeft een bepaalde gemoedsrust. Wel merk je dat onze bewoners en hun familieleden onze aandacht nu heel erg nodig hebben. Voor velen wordt de marathon heel zwaar.’

Babs, jij kwam in september aan boord als nieuwe directeur van woonzorgcentrum Vuerenveld. Lijkt me geen evidente opdracht in deze woelige tijden.

Babs Roex: ‘Het is een grote verantwoordelijkheid. Je wilt alles in het werk stellen om het virus hier buiten te houden. Tegelijkertijd besef je dat je die strijd niet helemaal in de hand hebt. Ik merk dat heel wat bewoners de maatregelen beu zijn. Toch blijf ik mensen duidelijk maken dat we met zijn allen in hetzelfde schuitje zitten. De storm is nog lang niet voorbij.’ ‘Wat me opvalt, is hoe verschillend mensen op de situatie reageren. Sommigen willen zo snel mogelijk naar buiten om met vrienden iets te gaan drinken. Anderen willen liefst dat de deuren van ons woonzorgcentrum dicht blijven. Ik heb begrip voor beide standpunten. Het is aan ons om een manier te vinden die voor elke bewoner werkt.’

Monica: ‘Communiceren over corona doe je het best op een gepersonaliseerde manier. Een algemene aanpak werkt niet. Voor sommige mensen, denk maar aan mensen met dementie, is het haast onmogelijk om de huidige realiteit te vatten. We hebben weliswaar een algemeen kader van duidelijke regels die bepalen wat mag en niet mag. Maar we beseffen maar al te goed dat bepaalde omstandigheden uitzonderingen kunnen rechtvaardigen. Die flexibiliteit moet kunnen.’

Je vertelde daarnet dat de bewoners zich tijdens de lockdown niet al te veel zorgen maakten. Viel de isolatie ze niet zwaar?

Monica: ‘De voorbije maanden hebben we heel erg ingezet op animatie. We hebben hier twee superenergieke dames die hun uiterste doen om onze bewoners te vermaken. Mensen hebben ook veel gewandeld. En tijdens de Tour de France werd er heel wat op de hometrainer gefietst.’

Babs: ‘Dat brengt veel leven in de brouwerij. Ik heb hier trouwens al veel menselijke warmte kunnen waarnemen.’

Kan je daar een voorbeeld van geven?

Babs: ‘We hebben een nieuwe afdeling voor mensen met dementie. De manier waarop onze medewerkers met de bewoners met dementie omgaan, is indrukwekkend. Het zit hem in details. Zoals de zorgzaamheid waarmee zij de voeten van de bewoners wassen of hun nagels verzorgen. Of de oprechte aandacht die ze hun geven.’

Wat is de voornaamste les die jullie de voorbije maanden geleerd hebben?

Babs: ‘Beslissingen nemen we niet voor, maar samen met onze bewoners. ‘Tous ensemble.’ Voor mij is dat meer dan ooit van toepassing.’

Jean-Paul Van Dam Directeur
woonzorgcentrum Onze-Lieve-Vrouw

Welke woorden vatten voor jou de voorbije maanden goed samen?

Jean-Paul Van Dam: ‘Emotionele rollercoaster. Je navigeert voortdurend tussen ongerustheid en opluchting. Er komt heel wat op je af. Met een adrenalinerush als gevolg. Hoe ga je daar het best mee om? Door je veerkracht op peil te houden en je niet te laten meeslepen door de stortvloed aan emoties. Je wil vooral het hoofd koel houden.’

Tijdens de lockdown werd er in jullie woonzorgcentrum geen bezoek toegelaten. Hoe reageerden jullie bewoners daarop?

‘Toen er geen fysiek bezoek mogelijk was, hebben we naar manieren gezocht om het contact met de naasten te onderhouden. De technologie heeft ons daar ontzettend bij geholpen. Soms leverde het bijzondere taferelen op. Zoals een overgrootmoeder die na de geboorte haar achterkleinkind op het beeldscherm kon zien.’

Jullie zijn de eerste golf doorgekomen zonder besmettingen. Hoe verklaar je dat?

‘Je moet natuurlijk een beetje geluk hebben. Maar geluk alleen volstaat niet. Wij hebben van meet af aan onze eigen koers gevaren. In onze instelling zetten we al twintig jaar in op infectiepreventie. Al in januari waren we volop bezig met het aanleggen van een strategische stock beschermingsmateriaal.’

‘Wat het dragen van mondmaskers betreft, hebben wij niet gewacht op instructies van de overheid. Van bij het begin van de crisis hebben wij onze medewerkers gevraagd een chirurgisch mondmasker te dragen. Vandaag is bij ons de regel: onze medewerkers dragen constant een FFP2-masker. In de gedeelde ruimten dragen onze bewoners een chirurgisch masker. Elkaar beschermen is de norm waarvan we niet afwijken.’

Wat heeft jou tijdens de crisis geraakt?

‘De veerkracht van onze medewerkers. Ook de steun van de familieleden van onze bewoners was bijzonder. Er waren dagen dat mijn inbox volstroomde met steunbetuigingen. En natuurlijk heeft het moment waarop de buren op straat kwamen om voor ons te applaudisseren, indruk gemaakt. Weet je, eigenlijk voelden we er ons wat onwennig bij. We deden dit niet om aandacht te krijgen. Dit is onze job die we al vele jaren met veel toewijding doen.’

Wat drijft jou om al meer dan 20 jaar aan het hoofd van een woonzorgcentrum te staan?

Het levenseinde als dagelijkse kost lijkt me niet meteen een omgeving waar je vrolijk wordt. ‘Alles hangt af van hoe je naar het leven kijkt. Ik ga uit van de filosofie dat we allemaal passanten zijn. Alles is tijdelijk. Vergeet niet dat de gemiddelde leeftijd hier 89 jaar is. Ons streefdoel bestaat erin om leven aan de dagen van onze bewoners toe te voegen. Dat is iets heel anders dan dagen aan hun leven toevoegen.’

Hoe kijk je naar de toekomst?

‘Op klinisch vlak ben ik optimistisch gestemd. Vandaag is er al een farmaceutisch bedrijf vaccins aan het produceren. De komst van dat vaccin zie ik als een keerpunt. Het gaat onze hele samenleving opnieuw perspectief bieden. En dan is er nog de corona-app Coronalert die ook een stap vooruit is.’ ‘Wat onze sector betreft, vrees ik dat we heel wat tijd nodig gaan hebben om de imagoschade die we opgelopen hebben, te herstellen. De cijfers bewijzen dat de meeste woonzorgcentra de crisis goed beheerst hebben. Toch werden we door het slijk gehaald. Maar dat is geen reden om niet positief naar de toekomst te kijken. Ik zie zo veel talent in onze branche. Het wordt niet voldoende gezegd, maar ook in onze sector zijn er heel wat stille helden. Het is dankzij hun inzet dat we in deze crisis het hoofd boven water kunnen houden. Daarom is het zo belangrijk ook de positieve verhalen te brengen.’

 

Tekst: Nathalie Dirix
Foto: © Tine De Wilde
Uit: uitgekamd november 2020