submenu

Verhalen en de kwetsbaarheid erachter - 04/10/2020

Sien Eggers en Stefan Perceval over U bent mijn moeder

‘Ik ben blij dat ik U bent mijn moeder weer kan spelen’, zegt Sien Eggers. ‘Die voorstelling is me altijd bijgebleven, ze zit in mijn hart.’ Na vijftien jaar kruipt de actrice opnieuw in de huid van een dochter en haar dementerende moeder. Eén actrice, twee rollen.

Het was in 2005 voor het eerst, maar niet voor het laatst dat Stefan Perceval (nu directeur en artistiek leider van HetGevolg) een voorstelling met Sien Eggers regisseerde. ‘Hij vroeg me voor de rol met een boeket bloemen en een fles wijn in zijn armen’, vertelt de actrice. ‘Dat had ik nog nooit meegemaakt.’ Het was een stuk van de Nederlander Joop Admiraal, in een bewerking van Perceval.

‘Op de eerste repetitie vroeg Sien me wie nu eigenlijk de rol van de dochter zou spelen’, lacht de regisseur. Toen pas werd het haar helemaal duidelijk dat er een dubbelrol van haar werd verwacht. Eggers: ‘Ik was helemaal van mijn melk: hoe moest ik dat voor elkaar krijgen? Maar Stefan ging pal voor me zitten, met zijn armen gekruist. Ik heb nooit iemand zo weten luisteren. En dan knikken: ‘t Is goed. We hebben heel rustig aan die voorstelling gewerkt, altijd in kleine stukjes. Soms stuurde hij me ‘s middags al naar huis, nog totaal niet moe, mijn hoofd wel nog vol met de voorstelling. Je blijft er dan de verdere dag over nadenken, weet je, en uiteindelijk lijkt het of alles vanzelf gaat. Dat was fantastisch.’

Zelfs de transformatie van het ene naar het andere personage leek lang zo onoverkomelijk niet meer. Stemmetjes had ze niet nodig, besefte de actrice. De twee personages konden gerust dezelfde stem hebben, net zoals zijzelf en haar eigen moeder. En hoe laat je een personage fysiek in een ander personage veranderen? Ook dat kan langzaam en subtiel. ‘Sta nu eens met je rug naar het publiek, zei Stefan. En doe het dan een keer. Plotseling was het simpel: de moeder is wat frêler dan de dochter, haar skelet is al wat gekrompen, zoals dat gaat als je ouder wordt. En dus werd ik wat kleiner en fragieler, heel stillekes, nauwelijks merkbaar, maar opeens was ik de moeder.’ Enkele weken later schreef de pers over de ‘verbijsterende’ transformatie van dochter naar moeder die Sien Eggers op het podium ten beste gaf.

In het hart

‘Die voorstelling was het begin van een fantastische periode voor mij’, herinnert Sien Eggers zich. Dus toen Stefan Perceval haar vroeg of er soms iets was wat ze graag nog eens zou spelen, legde ze een idee op tafel waar ze al even mee speelde: een herneming van U bent mijn moeder. ‘In al die jaren zijn er maar enkele voorstellingen geweest die me zo intens zijn bijgebleven. Ze zit echt in mijn hart.’

‘Dat komt omdat er een geschiedenis aan vasthangt’, beaamt ook Perceval. ‘In de voorstelling zit bijvoorbeeld een scène waarin de moeder afscheid neemt van haar dochter: Dada, zegt ze. Dada. Toen we de voorstelling in 2005 maakten, was ik net aan het scheiden, mijn zoon was een jaar oud. Ongetwijfeld stond hij ook ooit boven aan de trap terwijl ik weg moest gaan, en zoiets sluipt dan in het stuk dat je maakt. Het hoeft daarom niet zwaar beladen te worden, het draagt gewoon al die verhalen die wij elkaar tijdens de repetities vertellen met zich mee.’

Adem

Het stuk zal nu niet wezenlijk verschillen van hoe het er vijftien jaar geleden uitzag. De inhoud blijft, Sien Eggers hoeft geen nieuwe personages te spelen. ‘Maar we hebben allebei nieuwe verhalen die we elkaar ook weer vertellen. Er zit dus meer in ons rugzakje en al die dingen mengen zich ook weer in je voorstellingen’, legt Stefan Perceval uit. ‘Ik zie mijn vader nog aan een tafeltje in de foyer zitten, in 2005. Intussen is hij er niet meer, hij is gestorven na een hersenbloeding, en dus heb ik nu zelf verhalen die toen eigenlijk al in de voorstelling zaten.’ ‘Er zit tijd en adem tussen’, zegt Sien Eggers. ‘Je laat zo’n voorstelling los in de tussentijd, en dan dienen zich al eens nieuwe dingen aan. Zo moet ik op een gegeven ogenblik de schoenen van de moeder aantrekken. Ik herinner me nog dat Wim Helsen eens naar het stuk kwam kijken en achteraf zei dat dat getjaffel van de moeder voor hem veel langer mocht duren. Want jij doet graag dingen op de scène, hè Sien, zei hij. Ik zie dat. Daar moest ik onlangs aan denken, dus nu wil ik het eens uitproberen: me bewuster proberen te zijn van elk moment. De voorstelling gaat over dementie en dat is een zwaar onderwerp, maar we hebben er daarom nog geen zware voorstelling van gemaakt. Ze gaat evenzeer over de kleine, herkenbare dingen: hoe de moeder rondschuifelt, hoe ze haar chocomelk drinkt … dat heb ik er altijd zo schoon aan gevonden.’

Kwetsbaar

Verhalen en de kwetsbaarheid die achter die verhalen schuilgaat. Daarover gaat theater, daarover gaat het leven. ‘Over het muurtje kijken’, noemt Stefan Perceval het. Want pas als je dat doet, zie je wie iemand echt is, waar het verdriet en de blijdschappen zitten. ‘Ik werk veel met kwetsbare mensen’, zegt hij. ‘Vluchtelingen, jongeren met een beperking, mensen in armoede. En of je nu met hen werkt of met professionele acteurs: iedereen is kwetsbaar, allemaal hebben ze hun verhalen. Ga daar maar staan, op dat podium, zeg je hen, zoals je bent, met al je verhalen. We gaan ernaar luisteren, we doen er iets mee, en achteraf krijg je applaus. Je kunt het. Dat is de rol van de regisseur.’

 

Tekst: Ines Minten
Foto: © Tine De Wilde
Uit: uitgekamd oktober 2020